Het belang van apologetiek in onze tijd (IV)

Wat is de bijbelse basis van apologetiek? (b)

saint justin martyrWe zagen in deel III van deze serie dat er vaak naar 1 Petrus 3:15 wordt verwezen om een bijbelse basis te bieden voor apologetiek. Als we echter voor de bijbelse onderbouwing voor apologetiek slechts één vers kunnen aandragen, hebben we daarmee effectief die onderbouwing om zeep geholpen.

We moeten naar een meer integrale benadering streven. Hoewel het woord ‘apologia’ waar ons woord apologetiek van af is geleid alleen maar voorkomt in 1Petrus 3:15, blijkt de praktijk van het ‘apologetiseren’ wijdverbreid te zijn onder de vroege kerk. De apostelen bedreven als anzelf apologetiek. De noodzaak van apologetiek ligt bovendien als vanzelf besloten besloten in de opdracht van Jezus om de hele wereld te bereiken met het evangelie.

Laten we beginnen met te kijken hoe de apostelen als vanzelf apologetische argumentatie met hun evangelisatieboodschap vervlochten. Wanneer wij de verkondiging van de apostelen onder loep nemen, blijkt dat wat wij verkondiging noemen eigenlijk uiteenvalt in twee categorieën: argumentatie en oproep. De oproep is de eigenlijke evangelisatie. Het is de verkondiging van de het goede nieuws over de mogelijkheid van verzoening met God door Jezus. De argumentatie die aan de oproep voorafgaat, is wat wij nu met een technische term apologetiek noemen. Het vormt de basis voor de oproep. Het is het middel waarmee de verkondiging aannemelijk gemaakt wordt. Laten we naar enkele momenten kijken in het boek Handelingen.

Wanneer wij aan Petrus denken op de eerste Pinksterdag in Handelingen 2, zien wij een vurig evangelist die zijn gehoor onder de leiding van de Heilige Geest aan de voeten van het kruis van Jezus brengt. Dat is zeker waar, maar er is meer aan de hand. Petrus begint namelijk niet met evangeliseren. Wanneer hij opstaat zegt hij: ‘Luister goed… ik zal u uitleggen wat gebeurd is.’ Deze uitleg (vs.14-35) is niet de verkondiging van het evangelie, maar zijn argumenten die aan moeten tonen dat Jezus de Messias is en dat de verschijnselen die plaatsvinden de uitstorting van de Heilige Geest inhouden. Het is een apologetiek die toegespitst is op het gehoor van Petrus: de joden uit Jeruzalem en de diaspora. Het bestaat uit bewijzen, ontleend aan het Oude Testament, dat Jezus de beloofde Messias is.

Jaren later komt Paulus samen met Barnabas in Klein-Azië aan. In zijn redevoering in Handelingen 13 zien we een soortgelijke tweedeling als in de redevoering van Petrus in Handelingen 2. Ook Paulus begint met een apologetiek. Hij geeft in Handelingen 13:16-37 voor zijn Joodse publiek in een synagoge in de diaspora een historische schets die via David uitmondt in – niet Johannes de Doper die waarschijnlijk enigermate bekend was bij de Joden in de diaspora – maar Jezus de Christus. De messiaanse aanspraken van Jezus worden bevestigd door de profetieën van het Oude Testament. De benadrukking van de gezamenlijke geschiedenis van Paulus en zijn joodse gehoor was waarschijnlijk belangrijk, omdat de joden in de diaspora juist in deze geschiedenis hun identiteit vonden. In Handelingen 13:32-41 zien we dan hoe Paulus langzaam overgaat van argumentatie naar verkondiging.

Paulus past zijn boodschap altijd aan aan zijn gehoor. We zien dat bij al zijn redevoeringen die in Handelingen opgetekend zijn. Het meest duidelijke voorbeeld vinden we in Handelingen 17 waar Paulus de Atheners toespreekt. Wij zijn geneigd te denken dat alleen Handelingen 17 sprake is van apologetiek omdat alleen daar de Griekse filosofen ter sprake komen, maar een nauwkeurige lezing van al Paulus’ andere redevoeringen laat zien dat apologetiek in al zijn publieke optreden verweven is.

Dit is geheel in lijn met de Grote Opdracht die Christus zijn kerk gegeven heeft. Ik heb het dan over de opdracht om het evangelie aan de hele wereld te verkondigen. Een goede lezing van de Grote Opdracht leidt tot de conclusie dat apologetiek onderdeel is van die Grote Opdracht. Dat is misschien niet expliciet daaruit af te leiden, maar wordt wel geïmpliceerd.

In Handelingen 1:8 zegt Jezus dat de discipelen getuigen zullen zijn tot aan de einden van de aarde. Dit betekent dat alle volken, alle taalgroepen, alle culturen, met hun niet-christelijke wereldbeelden en godsdienstige overtuigingen overal ter wereld aangesproken moeten worden. Er moet cross-culturele communicatie ontstaan, maar eveneens cross-wereldbeschouwelijke communicatie. Het evangelie moet doelgroepgericht gebracht worden. D.w.z. op een manier die begrepen kan worden. Apologetiek is daar onlosmakelijk mee verbonden. Het vormt de argumentatie die vanuit een ander wereldbeeld de brug slaat naar het evangelie toe.

In de Johannes variant van die opdracht (Johannes 20:21) lezen we ‘zoals de Vader mij gezonden heeft, zend Ik ook u’. Wij bezitten niet een marginale levensovertuiging, of een subcultuur die zijn eigen waarheid bedenkt en ervaart. Wij zijn representanten van de Heer der Heren, die dé Waarheid is. Hij is de Schepper, het Woord dat tot de zijnen gekomen is. Hij roept door ons heen zijn schepping op om tot Hem terug te keren. Wij dienen de Heer van de totale werkelijkheid en hebben daarom het recht een de opdracht die totale werkelijkheid aan te spreken. Wetenschap, filosofie, cultuur en kunst horen alle gebracht te worden onder gehoorzaamheid aan Jezus Christus.

9 Reacties

  1. Een interessant artikel Jos. Het lijkt me, dat een apologeet van alle markten thuis moet zijn om die doelgroepen te bereiken. Een apologeet is in ieder geval niet snel uitgestudeerd.

    Bevalt het je in de VS en brengt de studie wat je er van verwacht had? Het lijkt me best lastig om daar moederziel alleen een nieuw hoofdstuk van je leven te beginnen.

    Sterkte en Gods Zegen gewenst,

    Henk

  2. Hoi Henk, bedankt voor je reactie.

    Weet je, ik zit hier nu 4,5 week en mijn studie ik nog niet begonnen. En dat is maar goed ook. Er valt zoveel te regelen voordat een je beetje gesetteld bent. Eergisteren heb ik bijvoorbeeld pas m’n rijbewijs gehaald (theorie én rijexamen).

    De introductielessen beginnen 23 sept en het eerste echte college op 28 sept. Maar dan is het ook stomen geblazen. Het is heel erg leuk om een scholarship te hebben, maar ik moet dan ook verplicht 4 vakken per trimester volgen.

    Daarnaast moet ik ook nog een studentenjob van minimaal 10 uur per week volmaken. Dat is meer dan 50 uur per week studeren en werken. Het mooie is dat ik mijn studentenbaantje grotendeels thuis kan doen: researhwerk en designachtige dingen voor een van de profs hier. Ik ben zijn Teaching Assistant (big thing over here).

    Nee, we zitten hier niet moederziel alleen M’n gezinnetje is hier en we wonen in bij de uit het Indiase subcontinent afkomstige familie van mijn vrouw. Dit drukte, gezelligheid en lekker eten alom. Bovendien heb ik al een fike vriendenkring hier vanwege de bezoeken aan de familie in de voorgaande jaren.

    Jij Gods zegen met je gezondheid! Mag die rug snel weer vrienden met je worden.

  3. Helder artikel Jos!

  4. [...] Wetenschap, filosofie, cultuur en kunst horen alle gebracht te worden onder gehoorzaamheid aan Jezus Christus. De Apologeet [...]

  5. “Wetenschap, filosofie, cultuur en kunst horen alle gebracht te worden onder gehoorzaamheid aan Jezus Christus.”

    Na uw (waarschijnlijk ietwat pijnlijke) kennismaking met enkele aspecten van de evolutietheorie in de comments op ‘Evolutie Confusie II’ kan ik me deze zinsnede geheel voorstellen. Als (uw exegese van) genesis ondergeschikt is aan de wetenschap, maken we de wetenschap gewoon ondergeschikt aan het christendom! Problem solved.
    Alleen jammer dat het een volslagen onwerkelijke opgave is die de afschaffing van wetenschap inhoudt. U weet wellicht veel van het christendom en apologetiek, uw visie op wetenschap is krampachtig en zeer beperkt. Veel te beperkt – mijns inziens – om u op dergelijke vlakken te begeven. Schoenmaker, blijf bij uw leest!

    • Bram, niet zo flauw doen. De kennismaking met jouw onvolprezen kennis was niet pijnlijk. Ik ga me te zijner tijd in de – hoe heet het ook al weer – retrovirussen verdiepen. Ik heb terdege een ‘mental note’ gemaakt over dit onderwerp.

      In het algemeen wil ik graag zeggen dat de kennis die jij ter berde brengt gebaseerd is op inductieve argumenten. Op basis daarvan worden aannames gedaan en theorieën ontwikkeld. Vervolgens worden die theorieën weer als paradigma genomen om nieuwe data te interpreteren. Net zolang tot de nieuwe data niet meer te vatten zijn in het gebruikte wetenschappelijke paradigma. Dit paradigma wordt vervolgens overboord gegooid ten gunste van een nieuw paradigma dat beter overeenkomt met de feiten (zie Karl Popper geloof ik).

      Je opmerking dat de schoenmaker zich bij de leest moet houden, gaat uit een gecompartimentaliseerde werkelijkheid waarin een hokje is voor religieuze ‘fantasie’ en een hokje voor ‘echte’ wetenschappelijk kennis. Ik kijk liever naar de werkelijkheid als geheel. Wat is gelet op de werkelijkheid, gelet op de feiten die we voorhanden hebben, de beste verklaring ervan? In deze overweging dienen metafysische bespiegelingen en wetenschappelijk kennis samen genomen te worden. Daarbij ligt overigens het zwaartepunt bij de metafysische bespiegeling omdat die voorwaarde en basis is van de wetenschap en er richting aan geeft, terwijl de wetenschap zelf niet meer is dan feitjes verzamelen.

      Als laatste het gewraakte citaat “Wetenschap, filosofie, cultuur en kunst horen alle gebracht te worden onder gehoorzaamheid aan Jezus Christus.” Dit moet gezien worden als een oproep aan christenen om te beseffen dat hun wereldbeeld niet alleen toebehoort aan het religieuze hokje, maar over de hele werkelijkheid gaat. Uitgangspunt daarvoor is de onder christenen niet ter discussie staande aanname dat Christus als de Logos aan de basis staat van de totale werkelijkheid. Het is niet een argument waarmee ik de niet-christen tegemoet treedt.

  6. Jos, goed om te lezen dat je het naar je zin hebt!.Doe je best!

  7. Mbt paradigma:
    waar staat het Jezus paradigma in dit verhaal? Buitenspel volgens mij: wetenschap en god gaan niet altijd samen. God betekent een breuk met de wetmatigheid waar de wetenschap naar op zoek is. Daarom kan de wetenschap (mijns inziens) ook niets zeggen over het bestaan van god. Het is eveneens problematisch om het over de andere boeg te gooien: het Jezus paradigma aanvoeren om de wetenschap te beschouwen. Dat is geen wetenschap. Volgens mij.

    Het schoenmaker blijf bij je leest gaat overigens niet a priori uit van een religieuze ‘fantasíe’, maar van een scheiding tussen bepaalde onderdelen van religie en die van wetenschap. Of dat fantasie of niet is, is aan u. Maar het is niet aan u om zomaar te stellen dat het mogelijk is om wetenschap ‘gehoorzaam’ te maken aan Jezus Christus.
    Wat bedoelt u daar eigenlijk mee? (dat was wellicht een betere opening van mijn reactie op uw artikel)

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

Gravatar
WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.