De aard van wetenschappelijk onderzoek
Laten we eerst kijken naar de aard van wetenschappelijk onderzoek. Er bestaan verschillende manieren van logisch argumenteren. Dit is niet hetzelfde als verschillende soorten logica, maar verschillende manieren om tot een conclusie te komen. Daarbij wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen inductief en deductief redeneren. De conclusie van een deductieve redenering is altijd juist als de premissen van het argument kloppen[1]. Om een voorbeeld te geven:
Stelling 1: Het regent buiten.
Stelling 2: Jan loopt buiten.
Conclusie: Jan wordt nat.
Terwijl een deductief argument vaak vanuit algemeen aanvaarde waarheden naar specifieke conclusies toe werkt, volgt inductief redeneren volgt een andere weg. Er worden specifieke observeringen gedaan op grond waarvan een conclusie wordt getrokken.
Observering 1: Als ik de steen loslaat valt hij op mijn teen.
Observering 2: Als Elize de steen loslaat valt hij op haar teen.
Conclusie: Stenen vallen wanneer zij los worden gelaten.
Hoe meer observeringen er zijn, hoe waarschijnlijker de conclusie wordt. (afgezien van hoe het met de teen is gesteld). Zekerheid is echter nooit te krijgen. Een inductief argument werkt meestal van specifieke feiten naar algemeen geldige conclusies.
Wetenschappelijk onderzoek maakt gebruik van wat wordt genoemd de hypothetisch-deductieve methode die ondanks de naam eigenlijk inductief van aard is. Men probeert op basis van een beperkt aantal observaties in een testsituatie een eerder gedane hypothese te bevestigen. Dit voorkomt dat een oneindig aantal testen moet worden uitgevoerd[2]. Er zitten echter nadelen aan deze methode:
A. Er wordt gewerkt met een hypothese zodat objectiviteit niet mogelijk is. De hypothese zal altijd de interpretatie van de resultaten van de testen beïnvloeden, omdat degene die de hypothese ontwerpt, graag wil dat de hypothese bevestigd wordt en altijd de neiging zal hebben om weerleggend bewijsmateriaal te ontkennen.
B. Er kan nooit absolute zekerheid worden bereikt, omdat deze argumentatiemethode inductief van aard is. Als een test de hypothese bevestigt, wil dat nog niet zeggen dat de hypothese waar is.
Het is daarom niet onbelangrijk om te zien dat alle wetenschappelijk onderzoek alleen maar conclusies kan trekken onder voorbehoud. Strict logisch genomen bewijst wetenschap niets. Het is wel erg succesvol gebleken in de afgelopen 150 jaar en geeft ons daarom het gevoel dat we er blind op kunnen varen. Maar dat is nog geen reden om de verworvenheden van de wetenschap als absoluut vaststaand te beschouwen. Dit is relevant voor onze discussie omdat uitspraken als “de evolutietheorie is bewezen”, “We hebben God niet nodig om het leven te verklaren” of “De wetenschap toont aan dat de Bijbel een achterhaald boek is” veel te voorbarig zijn.
De verwarring van wetenschap en wereldbeeld
Daar komt nog een belangrijke factor bij. Wetenschap wordt altijd gedaan tegen de achtergrond van wereldbeeld. Wetenschappelijk objectivisme is een illusie die stamt uit de jaren 50 van de vorige eeuw. Wanneer er nog steeds bindende uitspraken worden gedaan met zo’n soort objectivisme en blind vertrouwen in het achterhoofd komt dat duidelijk in het wetenschappelijk debat niet ten goede. Het wereldbeeld van een wetenschapper zal altijd als een allesomvattende hypothese blijven functioneren over hoe de werkelijkheid in elkaar zit. Het werkt als een filter die bepaalt wat en hoe er onderzocht wordt en wat de uitkomsten zullen zijn. Dat geeft helemaal niet zolang dat maar wordt ingezien. Het is zelfs onvermijdelijk. Wetenschappelijk onderzoek moet gedaan worden met een epistemologische nederigheid (ons kennen is beperkt) die leidt tot conclusies onder voorbehoud.
De gepraat rondom de evolutietheorie is een goed voorbeeld van hoe het niet moet. Het evolutiedebat (inclusief het wetenschappelijk onderzoek op dit gebied) is ver doorgeschoten voorbij het punt waar het nog een wetenschappelijk onderzoeksproject was. Het is een geloofsartikel geworden van een seculiere ontkerstende samenleving die een nieuwe ontstaansnarratief nodig heeft. En dat mag. Maar als het niet erkend wordt, krijgen we een probleem. Sampson schrijft: “Het is meer dan een wetenschappelijke theorie geworden“[3] en citeert vervolgens de omslag van het boek The Darwin Wars: “De evolutietheorie is nu een van de belangrijkste mythen van onze tijd geworden. Het moet het gewicht torsen van onze hoop en angst over wat het betekent om menselijk te zijn” [4].
De wetenschappelijk hypothese is al lang geleden vervangen door een a priori wereldbeeld, nl. metaphysisch naturalisme (de opvatting dat het wezen van de werkelijkheid materie is en dat er niets immaterieels bestaat). Dit wereldbeeld heeft er belang bij dat er geen transcendente (lees immateriële) realiteit is en heeft dus de evolutietheorie nodig om zichzelf te beveiligen. Het dicteert daarom eerder dan dat het de uitkomst van onderzoek naar het ontstaan van het leven en de verscheidenheid aan levensvormen accepteert. Er ontstaat een soort cirkelredenering: Wij vinden dat God niet bestaat. > Ons onderzoek toont dat het leven vanzelf is ontstaan en zich vanzelf ontwikkeld heeft. > Hieruit blijkt dat het onwaarschijnlijk is dat God bestaat. Susskind’s woorden spreken boekdelen: “De moderne kosmologie begon met Darwin en Wallace. In tegenstelling tot zij die hen voor gingen verschaften zij verklaringen voor ons bestaan die bovennatuurlijke oorzaken volledig verwierpen…“[5]. Veel onderzoek op het gebied van de evolutietheorie is gespendeerd aan het bewijzen wat al werd beschouwd als een vaststaand feit: toeval als oorzaak van het leven. Dembski geeft commentaar op de impasse die is ontstaan tussen voor- en tegenstanders van de evolutietheorie: “We hebben hier met meer te maken dan de vaststelling van een concreet wetenschappelijk feit of het bevestigen van wetenschappelijke theorieën. Het gaat hier om met elkaar concurrerende wereldbeelden en metaphysische systemen die incompatible zijn met elkaar” [6].
Onze beschaving heeft reeds een keuze gemaakt waar het gaat om de vraag of God bestaat. Het is als Dawkins schrijft over de God van de Bijbel: “Het is niet eerlijk om zo’n gemakkelijk doelwit aan te vallen. De God Hypothese zou moeten vallen of staan met zijn meest onprettige verschijningsvormen, Yahweh, noch zijn smakeloze tegenovergestelde christelijke gezicht, ‘Lieve Jezus, zacht en teer‘”[7]. Waar Dawkins met zo’n openlijke haat begint is niet niet moeilijk raden waar hij zal eindigen. De populaire opinie is dat er gewoon teveel tegenargumenten zijn voor het bestaan van een persoonlijke God. Geen enkel onderzoeksproject kan daar nog tegen ingaan.
Erger dan dat is dat de wetenschappelijke gemeenschap blind lijkt te zijn voor een belangrijke denkfout. Het gaat ongeveer zo (1) De enige manier waarop wetenschap bedreven kan worden is middels methodologisch naturalisme (D.w.z. onderzoek wordt beperkt tot ongeleide natuurlijke processen). (2) De uitkomst van zo’n onderzoeksmethode zal altijd leiden tot een bevestiging van metaphysisch naturalisme. Je krijgt eruit wat je erin stopt, nl. naturalisme. Het is niet bewijsmateriaal maar een wereldbeeld dat a priori vaststaat dat bepaalt wat er gebeurt. Dembski schrijft: “Logici hebben hier een naam voor: circulair argumenteren, en ‘begging the question’. Dawkins laat hier een goed voorbeeld van zien wanneer hij de zoektocht naar voorbeelden van irreduceerbare complexiteit (een belangrijk begrip in de Intelligent Design beweging) “onwetenschappelijk” [8] noemt.
Al met al zou je je af kunnen vragen of de evolutietheorie wel echt het resultaat is van wetenschappelijk onderzoek. Er zijn immers geen wetenschappelijke testresultaten beschikbaar. Evolutie wordt niet waargenomen. Het is een theorie; een fascinerende, maar nog steeds niet meer dan een theorie.
Conclusie
Aangezien het evolutiedebat bol staat van levensbeschouwelijke verwarring, gedicteerd wordt door a priori factoren die funderend zijn voor het naturalisme (en tevens het christelijk geloof) en aangezien de conclusies voortkomen uit wetenschappelijk werk dat gedaan wordt in de context van een wetenschappelijk paradigma dat morgen mogelijk zijn houdbaarheid verloren heeft, is het een beroerde plek om bewijsmateriaal te vinden voor of tegen Genesis, het scheppingsverhaal in Genesis, laat staan het bestaan van God.
Aantekeningen
[1] Een goed argument wordt door Moreland en Craig gedefiniëerd als “formally and informally valid, which has true premises, and whose premises are more plausible than their contradictories” (Zie: Moreland and Craig, 2003, Philosophical Foundations for a Christian Worldview, p.29-30)
[2] Robert Audi, The Cambridge Dictionary of Philosophy, (Cambridge; New York: Cambridge University Press, 1995), p. 409
[3] Philip J. Sampson, 6 Modern Myths About Christianity & Western Civilization, (DownersGrove IL: InterVarsity Press, 2001), p. 47
[4] Andrew Brown, dust jacket to The Darwin Wars (London: Simon & Schuster, 1999) (vertaling van mij).
[5] Leonard Susskind geciteerd in Richard Dawkins, The God Delusion, (New York: Houghton Mifflin, 2006), p. 118 (vertaling van mij).
[6] William A. Dembski, Richards, Jay Wesley, ed., Unapologetic Apologetics, Meeting the Challenges of Theological Studies, (Downers Grove IL: InterVarsity Press, 2001), p. 233.
[7] William A. Dembski, Richards, Jay Wesley, ed., Unapologetic Apologetics, Meeting the Challenges of Theological Studies, (Downers Grove IL: InterVarsity Press, 2001), p. 237.
[8] Richard Dawkins, The God Delusion, (New York: Houghton Mifflin, 2006), p. 25.
Gearchiveerd onder: artikel,evolutie,filosofie getagged: | Genesis en evolutie,kosmonogie,schepping,scheppingsnarratief

Hallo,
Het eerste voorbeeld van een deductieve redenering is ongelukkig. Dat Jan nat wordt, volgt geenszins uit de twee stellingen. Het is denkbaar dat Jan niet nat wordt, terwijl hij wel buiten in de regen loopt: onder een paraplu. Of onder een boom met dicht gebladerte. Of onder de luifels van de winkelstraat. Enz. Bij een geldige deductieve redenering ligt de conclusie logisch opgesloten in de stellingen. Zonder de buitenwereld te kennen, kun je uit het begrip van de stellingen tot de conclusie komen. Een derde stelling erbij maakt de conclusie wel geldig: Stelling 3: Als Jan buiten loopt en het regent buiten, wordt hij nat.
Ook de derde stelling is niet sluitend. Om buiten te lopen en nat te worden tijdens een regenbui hangt af van waar iemand op dat moment loopt en hoe die gekleed is. Hoe vaak zie ik een regenboog verschijnen en dan regent het ook? Mogelijk en of ik echter nat wordt? Veel conclusies die getrokken worden hebben wel een hoge graad van waarschijnlijkheid in zich maar zijn niet persé ten allen tijde juist of waar.
Toen Jezus tijdens de storm zich op de kolkende en golvende massa water waagde, moest HIJ -logischer wijze- wel heel erg stevig zwemmen en ploeteren om het hoofd boven water te houden.
@ Dirk Jan Donker
De derde stelling hoeft niet waar of sluitend te zijn om de redenering deductief-geldig te maken. Een deductief-geldige redenering mag onware stellingen bevatten. Stelling 3 is echter nodig – of ze nu waar is of niet – om de redenering geldig te maken.
>Sampson schrijft: “Het is meer dan een wetenschappelijke theorie >geworden“[3]
Welnee, het zijn de christenen die de evolutietheorie ‘een geloof’ noemen. Maar voor wetenschappers en voor nuchtere en redelijk denkende mensen is en blijft het een wetenschappelijke theorie, waarvoor een ontstellende hoeveelheid bewijsmateriaal bestaat. Maar mocht er ooit een andere verklaring gevonden worden, die verschijnselen beter verklaart dan de evolutietheorie, dan zal die nieuwe theorie de voorkeur krijgen (maar de kans dat er een alternatieve theorie komt lijkt minimaal).
Het is ook niet zo dat de evolutietheorie Genesis heeft weerlegd. De wereldbeelden komen niet overeen en dat is iets anders. In principe bemoeit de wetenschap zich niet met Genesis, althans niet de biologie.
Het probleem zit ook niet bij de wetenschap, er is als zodanig ook helemaal geen conflict. Het probleem zit bij christenen die van een op een sprookjesboek gebaseerd wereldbeeld een onwrikbaar dogma hebben gemaakt, een dogma dat geen ruimte laat voor het daarin opnemen, verwerken van de werkelijkheid zoals die is. Jammer voor de christenen, maar ze moeten eens wat meer aan zelfonderzoek doen in plaats maar blijven doordrammen tegen de wetenschap.
Mijn hemel, waar moet je beginnen? Deze quote is wel interessant:
“Al met al zou je je af kunnen vragen of de evolutietheorie wel echt het resultaat is van wetenschappelijk onderzoek. Er zijn immers geen wetenschappelijke testresultaten beschikbaar. Evolutie wordt niet waargenomen. Het is een theorie; een fascinerende, maar nog steeds niet meer dan een theorie.”
Dit geeft zo’n gebrek aan ‘evolutionair inzicht’ aan, dat u er goed aan zou doen u zich in het vervolg te beperken tot zaken waar u wél verstand van heeft. Er zijn BERGEN wetenschappelijke testresultaten die de evolutietheorie bevestigen en bij andere uitslagen deze hadden verworpen. Ja, evolutie ís falsificeerbaar.
In een eerdere reactie op uw blog heb ik u reeds gewezen op ERV’s. Maar daar heeft u zich schijnbaar niet echt in verdiept… Om vervolgen doodleuk te beweren dat er ‘geen wetenschappelijke testresultaten zijn’. Ik weet niet hoe ik dat moet noemen, maar ‘intellectuele luiheid van de bovenste plank’ is het eerste dat in me opkomt. Niettemin begrijpelijk: ‘common descent will hit you in the head like a sack of doorknobs’ om een mooi citaat te gebruiken. (nu is het evolutionair te verklaren dat men builen op het hoofd probeert te vermijden)
Ook dit citaat dat u gebruikt geeft een diepe onverbondenheid met het idee v/d wetenschap weer:
“De moderne kosmologie begon met Darwin en Wallace. In tegenstelling tot zij die hen voor gingen verschaften zij verklaringen voor ons bestaan die bovennatuurlijke oorzaken volledig verwierpen…”
De opmerking dat de ‘kosmologie’ begon met Darwin en Wallace is nogal eh… vreemd. Wallace en Darwin waren biologen en op de achtergrondstraling van de bigbang moest men nog lang wachten… Maar het meest pijnlijke is nog wel de notie dat zijn ‘bovennatuurlijke oorzaken volledige verwierpen’. Wetenschap verwerpt in principe geen bovennatuurlijk ideeën, wetenschap werkt vanuit een naturalistische basis en gaat er van uit dat de natuur volgens wetmatigheden werkt. Wat de evolutietheorie in dat geval doet met een schepper-god is Occam’s scheermes bijzonder scherp slijpen en de scheppingsmythe aan de afvalzijde van het mes plaatsen. Wetenschap kan niet bewijzen dat god iets niet doet, maar wél dat de natuur een wetmatigheid kent, die verklaard kan worden door naturalistische principes. Het enige dat dan gebeurt is dat een of ander godsidee bijzonder implausibel wordt. Godsideeën worden nog weerlegd, nog bevestigd in de wetenschap; god is niet te meten.
Maar daarmee is de kous natuurlijk niet zomaar af: een en ander is afhankelijk van de interpretatie van bijbelteksten. Bijv: iemand die gelooft dat er geen ‘macro-evolutie’ plaatsvindt omdat er staat geschreven dat ‘dieren naar hun soort werden geschapen’ heeft een enorm probleem met de reeds genoemde ERV’s. Maar bewijzen ERV”s dat god niet bestaat o.i.d.? Nee. Of dat god evolutie niet stuurt? Nee.
Het is gewoon simpele logica die ons tot die conclusie dwingt. Moeite hebben met een gradueel ontstaan van leven en soorten (waarvoor bergen wetenschappelijk, naturalistisch bewijs materiaal is), maar geen moeite hebben met een eeuwige bestaande en ineens uit stof mensen scheppende god. Daár zit de crux. Niet in de aantijging dat ‘het evolutiedebat het wetenschappelijke voorbij is geschoten’.
Dat is ronduit onzin en wordt alleen gebezigd voor mensen die hun wereldbeeld heftig bedreigd zien door de evolutietheorie. De kussmaulse ademhaling van de scheppingsgelovers…
Wat kom je toch lekker arrogant over soms. Ik ben niet in principe gekant tegen de evolutietheorie. Het heeft een te grote status gekregen, zoals ook uit jouw zelfverzekerde reactie blijkt. Lees eens een boek van een niet-scheppingsgelovige, David Berlinski: http://www.amazon.com/Devils-Delusion-Atheism-Scientific-Pretensions/dp/0465019374/ref=sr_1_1?ie=UTF8&s=books&qid=1264870683&sr=8-1
Ik parafraseer: “In principe niet tegen de theorie gekant, maar er zijn geen wetenschappelijke testresultaten.”
Dat klinkt niet echt consequent yossman.
Hoe kan iets ten eerste een theorie zijn, als er geen testresultaten bekend zijn? Dat is zelfs volstrekt onmogelijk.
Vooral blijven roepen dat er geen wetenschappelijk bewijs voor de evolutietheorie is, yossman, dat siert je, vooral i.c.m. het arrogant noemen van anderen. Gewoon die reacties die je reeds op je evolutiepostings hebt gekregen 100% negeren.
Beweert Berlinski dat er voor de evolutietheorie geen wetenschappelijk bewijs is?
Ik moet het boek zelf ook nog lezen, maar hij stelt grote vraagtekens bij evolutie als een ‘foregone conclusion’. Als nu een creationist of een theist dit zou beweren, ligt niemand wakker, maar dit is een ander verhaal.
PS Ik ga echt een keer achter die ERV’s aan, maar de studie is zo retedruk.