Dit artikel in het Reformatorisch Dagblad was mijn reactie op een inzending van Jos Quist (geplaatst in het RD op 28 mei jl.) die op zijn beurt reageerde op mijn artikel ‘Een kosmologisch argument voor God’ (zie hieronder; eveneens gepubliceerd in het RD ongeveer twee weken geleden).
De zogeheten ”godsbewijzen” sluiten aan bij wat God van Zichzelf openbaart in de natuur, stelt Jos de Keijzer in een reactie op Jos Quist (RD van vrijdag). Ze zijn op zichzelf niet in staat om mensen tot geloof te brengen, maar kunnen wel openingen creëren voor het christelijk geloof. Lees verder.
Gearchiveerd onder: apologetiek, filosofie, natuurlijke theologie, opinieartikel getagged: | godsbewijs, kosmologisch argument, William Lane Craig

Dag Jos,
Om een duidelijk onderscheidt te kunnen maken tussen het universum voor zover wij het kennen en het ‘echte universum’ met alles wat we er wel en wat we er niet van kennen (en van kunnen kennen) is het misschien handig ze iets verschillend te betitelen. Ik zal de laatste het meta-versum noemen. Dit meta-versum is dan bijvoorbeeld pulserend, of bestaat uit meerdere universa, of is ons universum door god geschapen, of is gewoon ons universum maar met heel andere fundamentele kenmerken dan de wetenschap op dit moment aanneemt (waarbij bijvoorbeeld begrippen als begin en eind niet relevant blijken te zijn, zoals de begrippen onder en boven voor de aarde niet meer relevant bleken toen Newton de zwaartekracht had ontdekt).
>>Het probleem is dat er ergens een begin moet zijn.<>De tegen¬werping van Quist dat je dan ook kunt zeggen: ‘Wat heeft God veroorzaakt?’ gaat niet op.<<
Wat is in jou argumentatie precies het moment dat duidelijk wordt dat de ander niet kan vragen wat god heeft veroorzaakt? Dat moment ligt helemaal aan het EIND van je argumentatie, bij de acceptatie door de ander van al je stellingen. De ander verliest bij wijze van spreken de mogelijkheid deze vraag te stellen als hij de validiteit van je argumenten/bewijzen en de logica van je redenering heeft geaccepteerd.
Maar je kunt de ander de acceptatie hiervan niet dwingend opleggen. Als de ander aannemelijk kan maken dat de logica van jou argumentatie dat ‘het meta-versum begonnen is te bestaan’ niet overtuigend is, dan heeft de ander nog steeds het volste recht de vraag te stellen ‘wat god heeft veroorzaakt’, want jij START je argumentatie met te stellen dat alles (dus alles!) wat begint te bestaan een oorzaak moet hebben. Hij kan met recht stellen dat je theorie inconsistent is en niets oplost.
Het komt er op neer dat als je uitroept dat niemand de vraag kan stellen wat god veroorzaakte je eigenlijk de acceptatie van jou theorie dwingend oplegt aan iedereen. Dit gaat volledig tegen de rede in, want de rede wil overtuigen, niet opleggen.
Bij het lezen van het artikel van Jos Quist verraste het me iemand die de bijbel nota bene nog letterlijker gelooft dan jij juist aan mijn zijde te vinden. Ik kreeg het gevoel dat hij dezelfde waarde hecht aan helder redeneren. Hij denkt consequent, maakt een duidelijke scheiding tussen geloof en wetenschap/filosofie, en hoewel hij voor het geloof kiest bemerk je toch een respect voor de strenge methodieken die de wetenschap hanteert en de resultaten die ze daarmee heeft bereikt. Ik kon zijn betoog waarderen.
Een dergelijke helderheid mis ik helaas op deze site. De site pretendeert het geloof met redelijke argumenten te willen verdedigen, maar de randvoorwaarden voor de rede zijn zo onduidelijk.
Kenmerkend voor de rede is dat ze logische stappen neemt. Een conclusie komt logischerwijs voort uit aangevoerde argumenten. De argumentatie moet consistent zijn en de logica die tot de conclusie leidt moet consequent zijn. Dit zijn de randvoorwaarden die het kader vormen waarbinnen iets nog als ‘rede’ kan worden geaccepteerd. Is het nu, binnen dit kader, toegestaan om bijvoorbeeld een cirkelredenering te gebruiken? (Bas van Gorkum confronteerde je in het artikel ‘een christelijk argument tegen abortus’ met een glasheldere cirkelredenering, en ook Druijff heeft erop gewezen). En mag je, binnen hetzelfde kader, bij de vraag of god wreed is, het woord ‘wreed’ loskoppelen van haar wereldwijde menselijke betekenis? (discussie bij artikel ‘de plaaggeest en de geplaagde’). En nu in deze artikelen ook weer: mag je, nog steeds binnen het kader van de rede, bij de vraag wat ‘de oorzaak van god’ was, de ander de acceptatie van je argumenten dwingend opleggen?
Het zou goed zijn over deze randvoorwaarden eens wat principe uitspraken te doen, zodat iedereen die hier in discussie gaat weet dat in ieder geval heldere rede wordt nagestreefd. Het is bij eerdere artikelen gebleken dat telkens als de discussie op een punt kwam waar deze randvoorwaarden een rol gingen spelen er geen inhoudelijk antwoord meer kwam. Hopelijk dit keer wel.
Met vriendelijke groet,
Jelmer Buitenhuis
Nog een kleine verfijning aan mijn betoog:
Het komt er op neer dat als je uitroept dat niemand de vraag kan stellen wat god veroorzaakte je eigenlijk de acceptatie van jou theorie, en daarmee dus de juistheid van je bewijzen, dwingend oplegt aan iedereen. Of anders gezegd: met terugwerkende kracht dwing je de juistheid van je eigen bewijzen en argumenten af. De vraag of dit binnen de kaders van de rede is toegestaan wordt nog prangender.
Mvg,
Jelmer
Voor degenen die het bovenstaande nog niet helemaal begrijpen zal ik het allemaal nog eens stap voor stap uitleggen. Het is veel tekst, maar makkelijk te volgen.
INTRO
Een goede redenering bestaat uit één of meer stellingen (premissen) of niet bewezen aannames (axioma’s) waaruit na het stellen van causaal verband een conclusie wordt getrokken. De overtuigingskracht van de conclusie komt voort uit de kwaliteit van de premissen en axioma’s en uit de kwaliteit van de redenering die tot de conclusie leidt. Een goede redenering is eenrichtingsverkeer. Eerst moeten de premissen en axioma’s kloppen, vervolgens moet de argumentatie kloppen, daarna kan de conclusie kloppen. Andersom mag niet. Je kunt nooit zeggen dat de premissen en axioma’s kloppen omdat de conclusie klopt.
STAP A
Jos begint met argument/bewijzen aan te voeren die moeten aantonen dat het universum een begin heeft:
Bewijs 1: de big bang theorie
Bewijs 2: de rekensom met het ‘fictieve getal oneindig’
Bewijs 3: de onbereikbaarheid van het heden als de tijd oneindig zou zijn
Deze argumenten/bewijzen zijn zeer aanvechtbaar. Lees hiervoor mijn vorige inzending. Helemaal aan het eind van dit verhaal zullen we als een stuiterbal weer terug komen bij deze stap A, dus onthoud goed dat deze bewijzen zeer aanvechtbaar zijn.
STAP B
De aangevoerde bewijzen in stap A leiden nu tot de formulering van punt 2 van het kalambewijs. Dit kalambewijs gaat als volgt:
1. Alles wat begint te bestaan heeft een oorzaak (deze stelling wordt op basis van intuïtie gepostuleerd, er wordt geen bewijs voor geleverd)
2. Het universum is begonnen (logisch volgend uit stap A. Het bewijs in stap A is aanvechtbaar, dus ook deze stelling is aanvechtbaar)
STAP C
Uit deze twee stellingen volgt een conclusie:
- Het universum heeft een oorzaak.
STAP D
Jos voert nog een stelling aan:
- Volgens de big-bang theorie was er voor het universum geen ruimte, tijd of materie, dus niets wat het universum zou kunnen veroorzaken.
STAP E
Uit de stappen B, C en D volgen logischerwijs de kenmerken van de oorzaak van het universum:
- Het bezit zeer veel macht
- Het is immaterieel
- Het staat buiten tijd en ruimte
- Het bezit een vrije wil
INTERMEZZO 1
De oorzaak van het universum bezit dus veel macht en heeft zelfs een vrije wil. We mogen aannemen dat deze oorzaak dan ook ‘bestaat’. En omdat één van Jos’ stellingen was dat ALLES wat begint te bestaan een oorzaak heeft kunnen we logischerwijs de vraag stellen wat de oorzaak is van deze oorzaak.
Merk op dat deze vraag ook alleen op dit punt in de redenatie gesteld kan worden, omdat pas in deze stap deze ‘oorzaak’ aan ons wordt voorgesteld. We konden deze vraag niet stellen voor stap E.
STAP F
Het antwoord van Jos is dat we uit de stap E logischerwijs kunnen concluderen dat deze vraag niet gesteld kan worden. De oorzaak is ten slotte immaterieel, en staat buiten ruimte en tijd.
INTERMEZZO 2
Tot zover is het helder. Een mooie logische redenering die voldoet aan de regels van de rede. Het één volgt netjes uit het ander. Maar het venijn zit hem in de staart. Deze laatste conclusie, dat de vraag wat de oorzaak van de oorzaak was niet gesteld kan worden, kaatst als een vilein giftige balletje terug de argumentatie in, helemaal terug tot aan de eerste stap. We kunnen dit duidelijk zien als we de rede blijven volgen. We gaan verder:
STAP G
De wetenschap wil graag de vraag stellen wat de oorzaak van de oorzaak is, maar kan dat niet. Ze heeft geen andere keus en moet dus accepteren dat ze die vraag niet kan stellen. Ze wordt er door de conclusie van stap F toe gedwongen.
STAP H
Stel nu dat de wetenschap (al dan niet onder protest) de conclusie uit stap F accepteert, dan moet ze natuurlijk ook de voorgaande stap E accepteren, want F volgt uit E. En als ze stap E accepteert, dan moet ze ook de stappen D, C en B accepteren, want E volgt uit deze stappen. En ja, als ze D, C en B accepteert, dan ontkom ze er niet aan ook A te accepteren.
De wetenschap heeft nu, tot haar eigen verrassing, opeens de bewijzen uit stap A geaccepteerd, terwijl ze aan het begin van de redenering nog zeer aanvechtbaar waren! Niet alleen wordt de acceptatie van stap A t/m F afgedwongen, ook wordt de juistheid van de premissen en axioma’s (oa de bewijzen uit stap A) afgedwongen. De wetenschap heeft ze, op dit punt in de redenatie gekomen, ten slotte geaccepteerd, wat feitelijk betekend dat de wetenschap het overtuigende bewijzen vindt. Wie nu nog eens het intro leest aan het begin van mijn verhaal begrijpt dat hier de regels van de rede stevig worden overtreden.
Met vriendelijke groet,
Jelmer
Nog een kleine correctie: in stap zeg ik dat de argumenten/bewijzen aanvechtbaar zijn zoals te lezen in mijn vorige inzending. Dat mijn zijn mijn inzending op het vorige artikel van Jos: http://apologeet.com/2010/05/30/een-kosmologisch-argument-voor-god/#comment-638
mvg, Jelmer
Jelmer, waarom begin je niet een eigen blog. Je schrijft meer op mijn blog dan ikzelf doe.
Dat lijkt me wat overdreven Jos. Je hebt hier 72 artikelen staan. Op twee ervan heb ik uitgebreid gereageerd, op twee ervan heb ik kort gereageerd.
Ik reageer typisch uitgebreid als ik denk dat de rede op een of andere manier wordt gemanipuleerd. Ik vind dan dat mensen misleid worden. Bij jou weet ik niet zeker of je het bewust doet of het gewoon niet door hebt, maar omdat je iedere keer als je er op gewezen wordt zo weinig inhoudelijk reageert moet ik dan zelf maar wat meer tekst gebruiken om te laten zien hoe het werkt.
Ik hoop natuurlijk van harte dat je ook nog inhoudelijk in zult gaan op mijn verhaal.
Mvg,
Jelmer
Beste Josh,
Ik wil graag contact met je opnemen over het gebruik van een artikel dat je hebt gepost op je blog en waar volgens de FAQ rechten op kunnen zitten.
Het gaat over het artikel: “De grote verdwijntruc” die je in 2009 geplaatst hebt. Op basis van dit artikel ben ik een rap aan het schrijven.
Hoewel ik probeer contact met je op te nemen gaat dat heel lastig omdat ik geen contact gegevens kan vinden op deze website.
Daarom de vraag of je hierover met mij contact wilt opnemen.
Groeten,
JDJ
bron:
http://www.cip.nl/nieuwsbericht_detail.asp?id=9376